Straffen die opgelegd werden rond 1700
door A.F. Verstegen

In het ORA, criminele rechtspraak, kunnen we de straffen vinden die vroeger uitgesproken en uitgevoerd werden, deze waren erg zwaar. Zo lezen we o.a. de veroordeling van twee vrouwen die hoereerde en omgingen met dieven en schelmen. De Hoog Welgeboren en Gestrenge heer baron Carel Pieck te Beesd veroordeelde o.a. in 1703 Anna Geertuijd Steenbrand tot de galg en Maria Jans werd in het openbaar geschavotteerd en verbannen uit het Forstendom Gelre, o.a. Beesd en Rhenoy. Anna en Maria, bekende buiten pijn van banden en ijzer, d.w.z. ze bekende voordat ze op de pijnbank gelegd zouden worden. Ook de baron van Acquoy legden zware straffen op, maar omdat in dat proces namen staan die nu nog voorkomen in Acquoy volgt hieronder het verslag van de veroordeling van baron Carel Pieck uit Beesd.

Acquoy

Het proces wordt weergegeven in extenso.

Alsoo Anna Geertruijd Steenbrand inde wandelinge genoemt swarte Anna geboortigh uijt Gulijckerland (Hertogdom Gulik) out omtrent 30 jaeren gevangene alhier tot Beest voor die vanden Gereghte alhier buijten pijn van banden en ijser beleden en bekent heeft dat sij eenige jaeren langh in geselschap van fameuse schelmen en dieven langhst het land gelopen en gesworven heeft met eene derselver sijnde genaemt Willem den student en sijnde capiteijn vande gauwdieven en schelmen lange tijd in hoerdom geleefft en op een valse pretext (voorwendsel) naderhand voorgevende met deselve getrouwt te wesen ook dat sij kennisse heeft en bij namen en toenaemen alle de schelmen en dieven weet te noemen en met de selve geconverseert heeft dat sij vervolgens van veele en verscheijde dieverijen en huijsbraeken soo alhier als tot Deijl Tright ende andere plaetsen wetenschap gehadt heeft vande gestolene goederen haer genot gehad en deselve tot hoeren oorbaer gebruijkt heeft ende dewijle alle het selve sijn feijten ende misdaden in een land daer justitie vigeert geensints tolerabel maer die anderen ten exempel (voorbeeld) behoren gestraft te worden op aenclagte van den Hoog Welgeboren en Gestrenge Heer Carel Pieck Heer van Brakel en Zoelen Amptman Rigter Pantheer en Dijkgraaff van Beest Mariënweert en Rhenoij & R: O: doende reght hebben de gevangene gecondemneert (veroordeeld) gelijk sij haer condemneren bij desen om gebraght te worden ter plaetse daer men gewoon is justitie te doen en aldaer ten exempel (voorbeeld) van anderen.

Alsoo Maria Jans geboortigh van Gorcum out omtrent 21 jaeren gevangene alhier tot Beest buijten pijn en banden van ijser voor die van den Gereghte van Beest bekent heeft dat sij een geruijmen tijdt in geselschap van fameuse schelmen en dieven langst het land gelopen heeft met deselve in hoerdom geleeft ende verkeert heeft van verscheijde gestolen goederen soo alhier tot Beest Tright en Deijll haer genot profijt gehad heeft ende aldewijle sulks sijn feijten ende misdaden in een landt daer justitie signeert geensints tolerabel maer die anderen een exempel behoren te werden gestrafft soo ist dat die van den Gereghte van Beest op aenclaghte vande Hoog Welgeboren en Gestrenge Heer Carel Pieck Heer van Brakel en Zoelen & Amptman van Beest Mariënweert en Rhenoij R: O: doende reght hebben de gevangene gecondemeert gelijck sij haer condemneren mits desen om te worden gebragt ter plaetse daer men gewoon is justitie te doen en aldaer ten exempel van anderen openlijck te worden geschavotteert strengelijk in et roeden gegeesselt bannende (verjaagd) de selve voorts uijt desen gehelen Furstendoms en Graefschap op poene (boete) van swaerder aen den lijve gestrafft te sullen worden so wanneer sij wederom daer binnen moghte gevonden worden. Aldus gedaen bij die vanden Gereghte van Beest desen 16e febrij 1703 ende gepronuntieert (uitspraak) den 19e Maert 1703

Acquoy